mercredi 28 novembre 2018

Emploi du 's' et du 'n' de liaison dans les mots composés en néerlandais [2]; gebruik van de tussen-s en de tussen-n in samenstellingen van zelfstandige naamwoorden (substantieven) / grammaire; spraakkunst

  • Mots composés en néerlandais, combinaisons de substantifs en néerlandais / Samengestelde woorden in het Nederlands, samenstellingen van zelfstandige naamwoorden (substantieven) in het Nederlands
  • Emploi  du 's' de liaison et du 'n' de liaison / Gebruik van de tussen-s en de tussen-n, gebruik van de tussenklank -s- en de tussenklank -n-, gebruik van de koppel-s en de koppel-n
  • Grammaire néerlandaise : théorie / Nederlandse spraakkunst, Nederlandse grammatica : theorie
  • Orthographe néerlandaise : règles d'orthographe / Nederlandse spelling : spelregels, spellingsregels
---------------

 Je zet GEEN tussen-s  /  On NE met PAS de 's' de liaison 

1 
als het eerste deel een zelfstandig naamwoord (substantief) is dat met een -s eindigt:
quand le premier élément est un substantif qui se termine par -s :
Bv. : neuslengte, onderwijsinrichting, basisprincipe, diepvrieskast, ...

2 
als het eerste deel een zelfstandig naamwoord (substantief) in het meervoud (pluralis) is dat op -en eindigt :
quand le premier élément est un substantif au pluriel qui se termine par -en :
Bv. : mannenwerk, kleurenfilm, schoenendoos, docentenkorps, ...

3 
als het eerste deel een zelfstandig naamwoord (susbtantief) is dat op -a, -i, -o, -u en -y eindigt : 
quand le premier élément est un substantif qui se termine par -a, -i, -o, -u et -y :
Bv. : operazangeres, mediabeleid, neerlandicicongres, automonteur, radiojournaal, gironummer, discontoverlaging, paraplubak, hobbybeurs, ...

4 
als het eerste deel een zelfstandig naamwoord (substantief) in het enkelvoud (singularis) is dat op -el, -em, -en, -er eindigt :
quand le premier élément est un substantif au singulier qui se termine par -el, -em, -en, -er :
Bv. : aardappelmesje, parelvisserij, bodemmonster, bezemwagen, havenarbeider, ovendeur, kamertemperatuur, meterkast, poederblusser, ...

5 
als het eerste deel een zelfstandig naamwoord (substantief) is dat op -ie of -tie eindigt :  quand le premier élément est un substantif qui se termine par -ie of -tie :
Bv. : commissielid, koffietijd, politiebericht, consumptiemaatschappij, ...

6 
als het eerste deel een zelfstandig naamwoord (substantief) is dat een meervoud (pluralis) op -eren heeft :
quand le premier élément est un substantif qui a un pluriel en -eren :
Bv. : eierbeschuit, eierdop, kindermenu, kalvermarkt, runderlap, ...
(pas op ! / attention ! : kalfslapje, kalfsmedaillon, rundvlees, ...)

7 
als het eerste deel een stofnaam is :
quand le premier élément est un nom de matière :
Bv. : goudprijs, sneeuwlaag, peperbus, zoutvaat, papierfabriek, ijzerindustrie,  metaalarbeider, houtindustrie, zilvermeeuw, giflozing ... 
(pas op ! / attention ! : tabaksgeur, tabaksprijs, houtskool)

8 
als het een samenstelling is die een vergelijking uitdrukt; het tweede deel lijkt op of is als het eerste deel :
quand il s'agit d'une combinaison de mots exprimant une comparaison; le second élément ressemble ou s'identifie au premier élément :
Bv. : aapmens, trapgevel, broekrok, kikvorsman, ...

9 
als de samenstelling een afleiding is van een werkwoordgroep :
quand la combinaison de mots est dérivée d'un groupe verbal :
Bv. : ingebruikneming (en niet ingebruiksneming!), indiensttreding, initiatiefnemer, inbeslagneming, ...

10 
als het eertse deel de stam van een werkwoord (verbum) is :
quand le premier élément est le radical d'un verbe :
Bv. : parkeergelegenheid, eethuis, draagbalk, vaarsnelheid, meeneemprijs, leefruimte, volgnummer, plakboek, kletskous, inhaalwedstrijd ...
(pas op ! / attention ! : bestuurscollege)

11 
als het eerste deel een bijvoeglijk naamwoord (adjectief) is zonder -e :
quand le premier élément est un adjectif qualificatif sans -e :
Bv. : kleinhandel, grootkapitaal, heethoofd, hooghartigheid, platvoet, kortsluiting, warmhoudplaatje, breedbeeldtelevisie, laagseizoen ...

12 
als het eerste deel een zelfstandig naamwoord (substantief) is waarvoor het gebruik van een tussen-s niet nodig is omdat het het resulaat is van een lange taalontwikkeling of van taalgewoontes :
quand le premier élément est un substantif qui n'exige pas l'emploi d'un 's' de liaison parce que c'est le résultat d'une longue évolution de la langue ou d'habitudes langagières :
Bv. :
jeugd ➺  jeugdherberg
stam ➺  stamboom
slag ➺  slagroom
gast ➺ gastgezin
post ➺  postnummer
hulp ➺  hulpverlener
kleur ➺  kleurplaat
zang ➺  zangwedstrijd
lijn ➺  lijnvlucht
brief ➺  briefopener
maag ➺  maagpatiënt
vuur ➺  vuurgevecht
berg ➺  bergbeklimmer
kraam ➺  kraamverpleegster
kantoor ➺  kantoorruimte
ouder ➺  ouderliefde
geweld ➺  gewelddaad
zeep ➺  zeepbakje
brood ➺  broodplank
proef ➺  proefperiode
probleem ➺  probleemgeval
---------------
Doctissimo : document (2) 'Emploi du 's' et du 'n' de liaison' en format JPEG
Document complet 'Gebruik van de tussen-s en de tussen-n in samengestelde woorden / Emploi du 's' en du 'n' de liaison dans les mots composés' in pdf-formaat
https://drive.google.com/file/d/1RgV24MsBGnlxY29sbLQqhMx961YQEF0X/view?usp=sharing
---------------
Sources  /  Bronnen 

Algemene Nederlandse Spraakkunst (ANS) : 
Open Taal : Koppel-s :
Braint : De Taalgids :
Genootschap Onze Taal :
WOORDEN.ORG :
dutchgrammar.com :
Universiteit Gent – Studentenportaal :
Het vak Nederlands :
👉 http://jan.liebregts.eu/spelling/de-tussen--n

A. M. Fontein, A. Pescher-ter Meer, Nederlandse Grammatica voor Anderstaligen, Nederlands Centrum Buitenlanders, Utrecht

Maja Becking, Ineke Grootegoed, Intertaal, Spellingwijzer Nederlands, Amsterdam / Antwerpen